Column: Gewoon lekker eten, de smaak van eenvoud

We aten daar zoals zij zelf eten: puur, vers, van eigen land. Het brood, het vlees, de groenten, de kaas, de dulce de leche - alles zelfgemaakt, met trots en vakmanschap. En pas als je daarna thuis weer ergens achteloos een hap neemt, besef je hoeveel zout, suiker en ondefinieerbare stoffen er aan ons voedsel zijn toegevoegd. In Uruguay proefde je eten zoals eten bedoeld is: eerlijk, eenvoudig en ongecompliceerd. Je proeft het, en je voelt het.
Alles voorradig, maar is het ook gewoon?
Terug in Nederland is alles weer volop voorradig. De schappen zijn gevuld, de keuze lijkt eindeloos. Maar dan dringt zich al snel een andere vraag op: is alles wat beschikbaar is ook werkelijk lekker? En misschien nog belangrijker: is het nog gewoon?
Zelfs gezond eten is inmiddels een ingewikkeld onderwerp geworden. De nieuwe Schijf van Vijf gaat allang niet meer alleen over wat goed is voor ons lichaam. Ineens gaat het ook over duurzaamheid, klimaat, uitstoot, watergebruik en milieu. Begrijp me goed: zorg voor onze leefomgeving is belangrijk. Daar valt niets op af te dingen. Maar eten wordt zo steeds minder iets vanzelfsprekends. Wat ooit begon als een eenvoudige richtlijn voor gezonde voeding, is uitgegroeid tot een veel bredere handleiding voor verantwoord leven.
Hebben we eigenlijk nog keuzes?
Daarmee komt nog een andere vraag naar voren: hebben we eigenlijk nog wel keuzes?
Dat is nog maar zeer de vraag.
Mijn moeder, ruim in de negentig, doet nog elke dag haar boodschapjes bij de plaatselijke grote supermarkt. Met haar rollator gaat ze erheen, en thuis maakt ze zelf haar maaltijden. Prima, zou je zeggen. Zelfstandig, betrokken, verantwoordelijk. Gewoon zoals het hoort.
Totdat die supermarkt drie weken dichtging voor een verbouwing.
Als nabijheid wegvalt
Op dat moment werd ineens zichtbaar hoe groot de afhankelijkheid is. Waar moest haar dagelijkse rollatortrip voor voedsel nu naartoe? Natuurlijk hebben we dat met elkaar, en met wat creativiteit, opgelost. Maar het geeft wel degelijk te denken.
We spreken graag over eigen verantwoordelijkheid. Over bewuste keuzes. Over gezond en verstandig eten. Maar hoe vrij is die keuze nog, wanneer iemand afhankelijk is van wat dichtbij is, wat open is, wat betaalbaar is en wat lichamelijk nog bereikbaar blijft?
Is het nog wel mogelijk om als consument zelf je voedselverantwoordelijkheid te nemen?
Dat is voor veel mensen geen theoretische vraag, maar dagelijkse realiteit. Keuzevrijheid klinkt ruim en vanzelfsprekend, maar blijkt in de praktijk vaak verrassend klein. Want kiezen veronderstelt dat er werkelijk iets te kiezen valt.
Eten zonder rekensom
Misschien is dat wel wat mij in Uruguay zo trof. Daar stond eten nog gewoon op tafel als voedsel. Niet als beleidsvraagstuk. Niet als morele rekensom. Niet als een optelsom van adviezen, beperkingen en maatschappelijke bedoelingen. Maar als iets dat met aandacht was gemaakt, uit eigen grond kwam en bedoeld was om van te leven én te genieten.
Gewoon lekker eten. Het klinkt eenvoudig. Misschien is dat het ook. Misschien zijn wij het juist verleerd.
Tekst: Wija Koers
Beeld: Ellen Meinen
